De Vlaamse regering heeft onlangs haar voorontwerp van decreet gepubliceerd waarbij ze duidelijkheid wil creëren over het zogenaamd finaal verrekenbeding. Haar vrees om fiscale ontvangsten mis te lopen, sedert de uitspraak van het Hof van Cassatie (24 maart 2017), noopt haar nu tot wetgevend ingrijpen.

Waar gaat het over ? Heel wat gehuwde koppels wensen elkaar te beschermen mocht een van beiden iets overkomen. Om die reden wensen ze bij de ontbinding van het huwelijk door overlijden tot een solidaire en gelijke verdeling te komen, minstens van tijdens het huwelijk opgespaard vermogen. Bij personen gehuwd onder het stelsel van scheiding van goederen komt een (finaal) verrekenbeding tegemoet aan die behoefte: tijdens het huwelijk beheren de echtgenoten hun vermogen elk afzonderlijk, maar bij ontbinding van het huwelijk rekenen ze af “alsof” ze gehuwd waren onder een gemeenschapsstelsel.

Met een finaal verrekenbeding bij echtgenoten gehuwd onder een stelsel van scheiding van goederen wordt er bij het overlijden van de eerste echtgenoot een schuld gecreëerd tegenover de nalatenschap in het voordeel van de langstlevende. Door de rechtspraak wordt dit verrekenbeding aanvaard en gekwalificeerd als een huwelijksvoordeel. De fiscus accepteert deze visie niet maar vangt in de rechtspraak keer op keer bot.

Hoewel de erfbelasting met deze clausule aanzienlijk kan worden gematigd of zelfs tot nul kan worden herleid, gaat het economisch gezien over vaak belangrijke verkrijgingen en vermogensverschuivingen, aldus de Vlaamse regering. Of dit nu over grote verschuivingen of kleine verschuivingen gaat doet evenwel niet ter zake zou men denken. Het gaat hem in de praktijk niet om fiscale redenen dan wel om civielrechtelijke bescherming naar elkaar. Maar vanuit zogenaamde “billijkheidsoverwegingen” wil de Vlaamse regering hierover echter duidelijkheid creëren. En die duidelijkheid kan volgens het ontwerpdecreet slechts worden bereikt door te voorzien dat dergelijke schulden voor de erfbelasting niet langer aanvaardbaar zijn als passief van een nalatenschap. Daarom zal zij het verrekenbeding niet langer aanvaarden. De Vlaamse regering vult aan dat, om fiscaal consequent te blijven, het vereist is dat de in de nalatenschap van de ene echtgenoot geweerde schuld evenmin in aanmerking wordt genomen als een schuldvordering, die belastbaar is als actiefbestanddeel in de nalatenschap van de andere echtgenoot. Hierdoor wordt er indirect terug een verschil in solidariteit gecreëerd tussen een stelsel van gemeenschap en het stelsel van scheiding van goederen. En bovendien raakt de Vlaamse regering ook de lastclausules in stelsels van gemeenschap.

De inwerkingtreding van het nieuwe decreet doet de wenkbrauwen fronsen. Want vanaf het ogenblik dat het nieuwe decreet in het Vlaamse Gewest in werking treedt (wellicht per 1 januari 2018) geldt het niet enkel voor nieuwe bedingen maar ook voor alle reeds bestaande bedingen. Hierdoor dient eenieder, gehuwd met scheiding van goederen met een verrekenbeding de successieplanning herzien en aanpassen zodat er geen fiscale verrassingen ontstaan bij een eventueel overlijden. Maar ook echtgenoten met een stelsel van gemeenschap met een verblijvingsbeding op last of een keuzebeding op last zullen door dit nieuwe decreet getroffen worden. Laat u daarin terdege adviseren. Onze specialisten staan u graag ter zijde !