Burgerlijke maatschappen worden boekhoudplichtig en zullen verplicht worden zich in te schrijven in de kruispuntbank van Ondernemingen.

In het Belgisch staatsblad verscheen op 27 april j.l. de wet die het ondernemingsrecht hervormt. Dat deze wet ook belangrijke gevolgen heeft voor de burgerlijke maatschap werd niet verwacht. Tal van nieuwe regels uit het ondernemingsrecht zullen van kracht worden op de burgerlijke maatschap en zullen dan ook belangrijke gevolgen met zich meebrengen.

Waarvoor is een burgerlijke maatschap nuttig?

In de familiale vermogensplanning is de burgerlijke maatschap een vaak gebruikte controlestructuur. Families gaan op zoek naar een vehikel dat toelaat om hun vermogen zodanig te structureren dat de overgang naar de volgende generaties zo gunstig mogelijk kan gebeuren op fiscaal vlak. Hierbij wensen families een zo absoluut mogelijke controle te blijven uitoefenen over dit vermogen. Bijkomend, maar niet onbelangrijk is de discretie die deze controlestructuur met zich meebrengt.

Een maatschap is aan weinig formaliteiten onderworpen en wordt slechts minimaal gereglementeerd. De belangstelling van deze rechtsfiguur is dan ook de laatste jaren sterk toegenomen, ongetwijfeld net omwille van het beperkte aantal regels waaraan ze onderworpen is.

Maar wat nu met de discretie, zoals geen wettelijke boekhoudkundige of publicatieverplichtingen, die eigen was aan de maatschap?  

Een eerste gevolg van de hervorming van het ondernemingsrecht is dat een burgerlijke maatschap nu als een onderneming wordt aanschouwd. De maatschap zal verplicht worden om, voor de aanvang van haar activiteiten, een inschrijving in te dienen in de kruispuntbank van ondernemingen (KBO). De KBO is een register voor basisgegevens van Belgische ondernemingen. Een deel van de gegevens die in een KBO zijn opgenomen, zijn publiekelijk en dus voor iedereen zichtbaar.

Een verplichte registratie van burgerlijke maatschappen in de KBO geldt in principe vanaf 1 november 2018 voor nieuwe maatschappen. Zaakvoerders van bestaande maatschappen krijgen echter de tijd tot eind april 2019 om zich in te schrijven in de KBO.

De inschrijving in de Kruispuntbank voor Ondernemingen gebeurt via een ondernemingsloket naar keuze en is een relatief eenvoudig administratief proces waarvan de kost in principe zeer beperkt is.

Een ander gevolg voor burgerlijke maatschappen, ten gevolge van de hervorming van het ondernemingsrecht, is de onderwerping aan de boekhoudwetgeving.

Een burgerlijke maatschap zal voortaan genoodzaakt zijn om een boekhouding te voeren. Maatschappen waarvan de omzet niet hoger is dan €500.000, zullen zich tot een vereenvoudigde boekhouding kunnen beperken, zoniet is een dubbele boekhouding verplicht.

Burgerlijke maatschappen zullen daarbovenop gebonden zijn om hun boeken minstens 7 jaar bij te houden maar worden niet verplicht een jaarrekening te publiceren.

De onderwerping van de burgerlijke maatschappen aan de boekhoudwetgeving geldt in principe vanaf 1 november 2018 voor nieuw op te richten burgerlijke maatschappen. Reeds bestaande maatschappen krijgen uitstel en zullen hun eerste boekhouding moeten voeren over het boekjaar 2020.

Tijdstip van oprichting van de burgerlijk maatschap.

Indien de burgerlijke maatschap reeds actief is voor 1 november 2018, hebben zij nog wat respijt. Het is wel aan te raden om reeds na te gaan in welke mate uw administratie zal moeten worden aangepast om aan de toekomstige boekhoudverplichtingen te voldoen.

Nieuwe burgerlijke maatschappen, waarvan hun werkzaamheden maar van start zullen gaan na 1 november 2018, zullen verplicht worden om zich meteen aan de nieuwe regels aan te passen.

Wat is nu het verschil tussen vroeger en nu?

De maatschap is gekend als een soepele vennootschapsvorm die eenvoudig kan worden opgericht en niet aan vormvereisten is onderworpen. Momenteel is de maatschap aan geen enkele publiciteitsvereiste onderhevig wat ervoor zorgt dat de maatschap een heel discreet planningsinstrument is. Dit komt nu op de helling te staan.

Met de nieuwe wet houdende de hervorming van het ondernemingsrecht, zullen maatschappen in de kruispuntbank van Ondernemingen worden ingeschreven. Hierdoor wordt hun bestaan publiekelijk en voor anderen zichtbaar. Gezien een burgerlijke maatschap een vennootschap is zonder rechtspersoonlijkheid worden zij niet verplicht hun jaarrekening openbaar te maken, er is echter wel de boekhoudkundige verplichting om een jaarrekening bij te houden.

Andere wijzigingen die deze hervorming met zicht meebrengt is de hoofdelijke aansprakelijkheid van de maatschap. Elke vennoot zal door derden voor de gehele schuld kunnen worden aangesproken terwijl voordien in een burgerlijke maatschap de vennoten slechts voor hun deel konden worden aangesproken. Verder zal de vennootschap ook een algemeen lasthebber voor proceshandelingen kunnen aanstellen. Deze persoon zal dan in rechte van de maatschap kunnen optreden zonder dat alle individuele deelgenoten van de maatschap met naam en toenaam moeten vermeld worden in de akte wat voordien wel moest. Tot slot, vermits de maatschap een onderneming wordt, zal tegen de maatschap het vrij bewijsrecht gelden en wordt de maatschap onderworpen aan het solventierecht.

Wat beoogt de wetgever met deze veranderingen in het ondernemingsrecht?

De voornaamste redenen doorheen de hervorming van het ondernemingsrecht zijn vereenvoudiging enerzijds en flexibilisering anderzijds. De burgerlijke maatschap valt nu onder de noemer van “ondernemingen”. De wetgever creëert hierdoor meer transparantie door hun publiekelijke registratie in de KBO. De burgerlijke maatschap zal nu zichtbaar zijn voor iedereen.