Dit lijken wel de dingen op hun kop. Spaarders verliezen vandaag geld, wie geld leent ziet zijn centen  aangroeien. De gevolgen van de negatieve rente tasten ons traditioneel wereldbeeld aan.  We hebben altijd geleerd dat het verstandig is om te sparen en iets opzij te zetten voor later. Weet je nog: doe zoals de mier, doe zoals de bij: spaar, heette het schools op het meetlatje van de ASLK  van vroeger. Vandaag  klopt dat niet meer. De inflatie vreet het geld op traditionele spaarboekjes onafgebroken aan. De mier en de bij staan er droevig naar te kijken. De losbol, de krekel feest verder.

Negatieve rentevoeten hebben alles te maken met het hardnekkige beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). Die probeert met alle mogelijke middelen de Europese economie terug op gang te krijgen. De ECB wil de consumenten doen kopen en de bedrijven doen investeren. Wie nauwelijks nog rente krijgt op zijn spaargeld zal er allicht makkelijker toe overgaan om een nieuwe auto te kopen, een appartementje aan zee over te nemen of gewoon een dure reis te maken. Bedrijven zullen sneller tot investeringen overgaan. Althans zo wordt bij de ECB gehoopt.

Voorlopig zijn het illusies en blijven vooral de spaarders wanhopig achter. Wie hooguit 0,01 basisrente krijgt op zijn spaarboekje en 0,1% getrouwheidspremie ziet zijn spaargeld gewoon weg smelten.  Elke dag opnieuw. Vooral voor wie de opbrengsten van zijn spaarcenten tot nog toe een mooie aanvulling waren voor zijn veelal karig pensioentje is dit bijna een drama. Oma kon tot voor enkele jaren nog mooie intresten halen uit haar obligatieportefeuille maar vandaag is dit niet meer het geval.

Overigens hebben we het dieptepunt nog niet bereikt. De banken doen er alvast alles aan om de huidige Belgische wetgeving rond de gereglementeerde spaarrekeningen te laten veranderen. Ze moeten nu nog altijd verplicht 0,11% als rente betalen op de spaarboekjes maar het zou allicht in de toekomst ook -0,50% kunnen worden. Zoals nu al in sommige Europese landen.

De mensen raken daardoor wél in een kramp. Ze willen niet raken aan hun kapitaal en zoeken naar uitwegen om hun levensstandaard te behouden. Zeker omdat ze van die levensstandaard zijn gaan houden en er niet toe bereid zijn om een stap achteruit te zetten.  Bovendien komen er voor oudere mensen nog meer tot nog toe onbekende uitgaven op hen af. Alvast in de gezondheidszorg bv.  dokterskosten, ziekenhuisfacturen, geneesmiddelen en rekeningen voor ouderlingenopvang. Mensen gaan daarom in eerste instantie besparen. Ze gaan minder uitgeven, remmen hun bestedingen af. Die auto kan nog wel wat meer kilometers rijden, die reis naar Tenerife kan ook een verblijf in Oostende worden.

Maar of de dingen daarmee verholpen worden? Allicht niet. Wie vandaag geconfronteerd wordt met de gevolgen van negatieve rentevoeten doet er daarom goed aan om in een eerste stap een overzicht van de inkomsten en uitgaven op te maken, zgn. budgetplan. Voor de komende eerste 10 jaar bv. daarin worden alle lopende uitgaven consequent opgelijst en samengeteld. Het is een kwestie van organisatie. Wie alles netjes in kaart gebracht heeft kan naderhand uitmaken hoeveel hij concreet nodig heeft om het hele jaar zonder zorgen rond te maken. Dat bedrag laat je uitstaan op een spaarboekje. Daardoor heb je de nodige financiële liquiditeiten die altijd ter beschikking staan. Cash management kan dat ook heten. Zo weet je altijd wat er in alle omstandigheden uitgegeven mag worden en identificeer je eventuele tekorten.

In een volgende fase van een verantwoord financieel beleid komt het erop aan het overblijvende kapitaal goed af te zonderen en verstandig te beheren. In vastgoed, beleggingsfondsen, aandelen, goud, kunstartikelen. In functie van het eerder opgemaakte budgetplan kan je dan alle richtingen uit. Alleen is het dus zaak om eerst een aantal onzekerheden van je af te schudden en je dan voluit toe te spitsen op wat alsnog mogelijk blijft.  In een vervolgtraject kan een breder persoonlijk financieel plan wellicht meer inzicht brengen in het geheel van uw vermogen.

JS